Op een winterdag haastte de man zich naar een belangrijk verzoekgesprek. Zei dat je kunt zien wat je zoekt. Hij dacht: als ik dit haal, verandert mijn leven.
Net op dat moment zag hij een oude man voor hem instorten. De man wankelde, zakte weg en bleef bewegingloos liggen.
Elf hoofdpersoon keek even, maar dacht meteen:
-
“Hij is hartstikke dronken.”
-
“En u kunt ons helpen.”
-
“Ik kan nu niet stoppen.”
Dus liep hij door. Hij had ook niets gezien. Hij liep voorbij en ook het leven hem niets vroeg.
Hij kwam op tijd aan bij het gesprek. Hij is het beste. Maar het ging fout. Hij werd niet geaccepteerd.
Hij was gefrustreerd. Hij had het gevoel dat het leven hem weer tegenwerkte.
Maar in werkelijkheid had hij die dag zelf iets belangrijks laten liggen.
Wil je wat als die oude man voor het laatst was… maar een test?
Wat was het moment waarop het laatste moment niet in de kamer was?