3. Droge ingrediënten mengen
Voeg de havermout toe aan het botermengsel en meng goed door. Meng in een aparte kom de bloem, kaneel en bicarbonaat. Voeg dit droge mengsel toe aan de rest en roer tot een samenhangend deeg ontstaat. Het deeg hoort stevig maar kneedbaar te zijn.
4. Rusten
Laat het deeg 30 minuten in de koelkast rusten. Hierdoor kunnen de smaken intrekken en wordt het deeg steviger, waardoor de koekjes tijdens het bakken minder uitlopen.
5. Koekjes vormen
Vorm kleine bolletjes van het deeg en druk ze licht plat met je handpalm. Leg ze op een met bakpapier beklede bakplaat met voldoende ruimte ertussen, want ze zetten zich iets uit tijdens het bakken.