Maar de controverse had een onverwacht effect.
De verboden brachten de film niet tot zwijgen. Ze versterkten hem juist.
Elk verbod genereerde media-aandacht. Elk protest trok meer aandacht. Elke gemeenteraadsvergadering werd gratis publiciteit. Mensen die misschien nog nooit van Life of Brian hadden gehoord, wilden ineens weten waar al die ophef over ging.
De campagne van Mary Whitehouse, bedoeld om de film te verbieden, zorgde er juist voor dat mensen naar de bioscoop gingen. De Pythons schreven de stijging van de bioscoopopbrengsten later persoonlijk aan haar toe.
En toen kwam Zweden in actie.
Terwijl andere landen de film verboden, zagen Zweedse marketeers een kans. Ze speelden direct in op de controverse met promotiemateriaal met een slogan die legendarisch werd:
« Zo grappig dat het in Noorwegen verboden werd! »
Het was perfect. Brutaal. Zelfbewust. Het soort marketing dat censuur omzet in een aanbeveling.
Het werkte spectaculair.
Life of Brian werd in 1979 de vierde meest succesvolle film in het Verenigd Koninkrijk. In de Verenigde Staten was het de meest succesvolle Britse film van het jaar, met een opbrengst van meer dan 19 miljoen dollar. De controverse die de film moest vernietigen, maakte er juist een fenomeen van.
De verboden duurden decennia lang voort.