Bezoek een neuroloog of geriater voor een volledig onderzoek.
Beschrijf uw symptomen gedetailleerd en vermeld eventuele familiegeschiedenissen van Alzheimer of dementie.
Diagnostische tests:
Cognitieve tests: beoordelingen zoals de Mini-Mental State Examination (MMSE) of de Montreal Cognitive Assessment (MoCA) meten het geheugen, de taal en andere functies.
Bloedonderzoek: Volgens Nature Medicine (2024) kunnen biomarkers zoals tau-eiwit of bèta-amyloïde een indicatie zijn van het risico op Alzheimer.
Beeldvorming van de hersenen: MRI- of PET-scans detecteren hersenatrofie of plaquevorming.
Genetische tests: Hoewel dit niet routinematig gebeurt, kunnen ze het APOE4-gen identificeren bij gevallen met een hoog risico.
Observatie van dierbaren:
Familieleden merken veranderingen vaak eerder op dan de getroffen persoon. Als uw dierbaren hun bezorgdheid uiten, neem die dan serieus.
Praktijkvoorbeeld: Een 70-jarige vrouw die afspraken mist, vraagt haar dochter om met haar mee te gaan naar de neuroloog. Een MoCA-test toont MCI aan en een MRI laat vroege hersenveranderingen zien, wat leidt tot een direct behandelplan.
Risicofactoren die de kans vergroten
Naast MCI verhogen bepaalde factoren het risico op het ontwikkelen van Alzheimer: