Sommige mensen dragen geen zichtbare littekens… maar toch voel je het.
Niet omdat ze zwak zijn. Integendeel: vaak zijn het precies de mensen die “sterk” lijken, die het meeste hebben moeten leren overleven zonder warmte, zonder tederheid, zonder echte emotionele nabijheid.
Een jeugd zonder affectie laat zelden één groot trauma achter dat je meteen kunt aanwijzen.
Vaker is het iets stillers, iets dat niemand meteen ziet:
-
geen knuffels
-
weinig vriendelijke woorden
-
geen echte aandacht
-
geen veilige armen wanneer je huilde
-
geen ouder die je geruststelde
-
geen gevoel dat je vanzelf welkom was
Misschien had je eten, kleding, een dak boven je hoofd. Misschien leek alles “normaal” naar buiten toe.
Maar diep vanbinnen groeide er iets anders: een gevoel dat liefde niet vanzelfsprekend is.
En wat je als kind niet krijgt, gaat je systeem later vaak alsnog zoeken.
Soms in relaties. Soms in werk. Soms in perfectionisme. Soms in een constante onrust die je niet kunt verklaren.